2017-06-24

Getijdenrivier

Hoe kan de verdichtingsopgave voor Rotterdam zich verhouden tot de rivier als autonome entiteit? We onderzoeken de relatie van de rivier met de stad en de ontwikkelingsmogelijkheden die daaruit voortvloeien. Stofstromen, mensen (actoren) en dingen (factoren) bieden de basis voor ontwerpen waarin ruimtelijke identiteit, circulaire economie, sociale ontwikkeling en natuurbehoud samen komen.

Inhoud: beschrijving en aanpak

Sinds 2013 woont meer dan de helft van de wereldbevolking in stedelijke gebieden. Dit percentage zal naar verwachting oplopen tot 70 procent in 2050. Deze groei leidt tot een verstedelijkingsproces van ongekende omvang die de toekomst van mens en milieu negatief kan beïnvloeden. Ook Rotterdam verwacht een toename van 50.000 personen op een bevolkingsaantal van 610.000 in 2030 (gemeente Rotterdam 2012) . We moeten op zoek naar een gezond verstedelijkingsmodel, waarin een duurzame, veerkrachtige omgang met het bestaande een vereiste is in samenhang met een sociaal-culturele, economische en ecologische transformatie op de schaal van de regio, stad en straat.

De aandacht gaat uit naar de verdichting van de bestaande stad. De rivieroevers en voormalige havenbekkens worden gezien als (potentieel) aantrekkelijke woonmilieus. Onlangs is het tweede groeidocument en programma ‘Rivier als Getijdenpark’ verschenen (2016) . Dit document laat zien hoe stad en haven, natuur en recreatie samen kunnen gaan en een bijdrage kunnen leveren aan vitale en aantrekkelijke woon- en leefgebieden. De vraag is hoe de gezonde en de verdichte stad zich tot elkaar verhouden en hoe tendensen te combineren zijn met gezonde verstedelijking en de stofwisseling van de stad in al haar aspecten.

Opgave

De opgave gaat om de verkenning van het grijze gebied tussen twee uitersten: enerzijds de stad bij voorkeur aan de rivier hardcore verdichten en anderzijds de rivier helemaal de ruimte geven en vergroenen. Deze studio richt zich nadrukkelijk op de omgang met de rivier als veerkrachtig systeem en als hart van de stad. Van oudsher zijn stad en rivier nauw met elkaar verweven. Rond de rivier komen veel uiteenlopende belangen bij elkaar: van verschillende overheden, bedrijven en industrieën, van ontwikkelaars en omwonenden, recreanten en passanten. Dit leidt tot verschillende visies: de rivieroevers en havenbekkens als aantrekkelijk woongebied, de rivier als transportader van bulkgoederen, de rivier als een obstakel tussen noord en zuid en de stad op twee rivieroevers. Anderen zien juist kansen in het gebruik: de mogelijkheid van nutriëntenterugwinning als economisch verdienmodel of als gebied om te recreëren. Ook kan de rivier worden gezien als landschapsmachine: zij voert sediment en water af en aan, bevat warmte en is een habitat voor vissen en een bron van voedsel.

In de afgelopen eeuw zijn de oevers op veel plaatsen verhard, gereguleerd en geprivatiseerd. Slechts op enkele ‘luwe’ plekken is de rivier nog benaderbaar. In tegenspraak met de verdichtingsopgave waarin het wonen aan de rivier als belangrijke kans wordt gezien, is de afstand van de stad tot de rivier vaak groot.

Telkens wordt gezocht naar meer ruimte voor het gebruik van de rivier. Tegelijkertijd zijn aan het gebruik en de benadering van de rivier allerlei regels en voorschriften maatregelen gekoppeld. Daarbij gaat het om het waarborgen van veiligheid, het beperken van overlast, de zorg voor waterkwaliteit en andere zaken. In deze studio plaatsen we daar een andere stellingname tegenover, die van de rivier met autonoom bestaansrecht. De rivier is niet ons bezit, maar bestaat in haar eigen recht. Zij heeft – net als ieder ander levend wezen – ruimte nodig om ‘gezond’ te functioneren, haar kwaliteiten te behouden, zich te ontwikkelen, een gebalanceerd ecosysteem te vormen en meer. Waar hebben wij als gebruikers en bewoners recht op met betrekking tot de rivier? En wie komt op voor de rechten van de rivier, het water, de vissen, het slib en andere elementen? Aan de basis van deze studio ligt een ontwikkelingsperspectief waarin stad en rivier elkaar nodig hebben en waarin zij met elkaar verweven zijn. Wat is er nodig om de rivier optimaal te laten functioneren als hart van de stad en de stad als omgeving van de rivier?

We draaien daarom het vertrekpunt van deze studio om. We claimen niet waar we recht op denken te hebben met betrekking tot de rivier, maar we onderzoeken wat nodig is om de rivier te laten functioneren als levensader van de stad. We kijken naar wat de rivier nodig heeft als veerkrachtig, metabolisch en ecologisch systeem. We onderzoeken hoe haar stromen een optimale bijdrage kunnen leveren aan het leefgebied van mens en dier. Het uitgangspunt is: de rivier bezit zichzelf of in Maori-termen: ‘de rivier is zichzelf’ . In de studio onderzoeken we de veerkrachtige relatie van de rivier met de stad en de ontwikkelingsmogelijkheden die daaruit voortvloeien.

Hoe werken we aan deze opgave? De aanpak verlangt een ongebruikelijke insteek en een creatieve omgang met het vraagstuk. Met de hulp van experts uit verschillende invalshoeken zullen we tijdens de eerste bijeenkomst de opgave verkennen. De verschillende (onderzochte) elementen worden vervolgens in een tweede stap ingebracht in het Parlement de Dingen . Dit biedt een middel om vanuit andere perspectieven naar ruimte te kijken: een ruimte die niet alleen wordt bepaald door mensen (actoren) maar ook door dingen (factoren) –zoals de flora, de fauna, het slib, de algen, de boten - en hun onderlinge relaties. Het ontwerp speelt daarin een rol als verbinder, als ‘agency’. Dit wordt getoetst in de derde stap en verbeterd in de laatste fase van het traject van ontwerpend onderzoek. Het ontsleutelen van een alternatief perspectief op de opgave biedt de mogelijkheid om op een andere manier te ontwerpen aan het verbeteren van de gezondheid van stedelijke ecosystemen. Daarvoor is creativiteit nodig evenals de bereidheid om samen dit experiment aan te gaan.

credits

De getijdenrivier is een project van Joeri Bellaard, Jason Broekhuizen, Mikolai Brus, Rob Damen, Catja Edens (buro Spatie), Mark Gjaltema, Alexander Herrebout (LINT), Jelle van Kampen, Chiel Lansienk, Garry Leisberg, Willemijn Lofvers (Bureau Lofvers / FUR), Koen Marks, Amber Nederhand, Helmut Thoele (PZH), Umut Türkman, Sem Vrooman

Opleiding Rotterdamse Academie van Bouwkunst – Hogeschool Rotterdam Jaar 2015-2016 Waar Rotterdam, Nederland Onderzoeker Willemijn Lofvers Studenten: Joeri Bellaard, Jason Broekhuizen, Mikolai Brus, Rob Damen, Mark Gjaltema,elle van Kampen, Chiel Lansienk, Garry Leisberg, Koen Marks, Amber Nederhand, Umut Türkman, Sem Vrooman Docenten Alexander Herrebout (LINT), Catja Edens (buro Spatie), Willemijn Lofvers (Bureau Lofvers / FUR) Verder betrokken bij het onderwijs: Gijs Zonneveld (WNF / ARK), Han Bakker - River Art R&D foundation, Robbert Wolf - Havenbedrijf, environmental management; Pieter de Greef - gemeente Rotterdam; Florian Boer - De Urbanisten; Fransje Hooimeijer - TU-Delft; Lotte van den Berg - building conversation; Arie Lengkeek - Rotterdamse Schouwburg / club imagine; Gerwin de Vries - LINT, Ruut van Paridon (Paridon x de Groot landschapsarchitecten) Stakeholders gemeente Rotterdam - Sander Klaassen (dienst Stadsontwikkeling)

beeld

Koen Marks (RAvB 2017): de dynamiek en werking van het riviergetijdenlandschap

beeld

Sem Vrooman (RAvB 2017): Vogelvluchtperspectief wetlands Waalhaven

beeld

Umut Turkman (RAvB 2017): Walled Maas